De reis door Marokko 2014 week 7-8 van Abaynou, Amtoudi, Plage Blanche, Ait Bekkou, Icht, Tata, Zagora. |
| 18 - 31 januari Na een nacht in Abaynou rijden we naar Amtoudi (100km) door een prachtig woestijnlandschap met diepe erosiesporen en bergen. De attractie van Amtoudi (800m) is het agadir (versterkte graanschuur) boven op de berg. We staan naast het gesloten hotel. Een 'bewaker' en een gids drentelen om de camper om hun diensten aan te bieden. We spreken af, morgen naar boven mits het weer het toelaat. Henro maakt een wandeling door Amtoudi dat in een kloof ligt. Het dorp wordt gedeeld door een rivierbed. Aan de overzijde zijn lemen woningen tegen de rotsen aan gebouwd. Op de terugtocht wordt Henro gebeten door een hond, die uit het niets kwam, in zijn kuit. Twee diepe gaten, een schaafwond en een kapotte broek zijn het resultaat. De gids op de overnachtingsplaats brengt Henro naar de 'Farmacie santé rurale'. Daar verzorgt een man in djellaba (is het een dokter of verpleegkundige?) de wonden. Hij haalt in een naburige stad een vaccin tegen hondsdolheid en tetanus voor Henro. We zijn erg onder de indruk hoe professioneel er gewerkt wordt. Alles doet hij met handschoenen, injectiespuiten komen uit de verpakking en alles wordt dik onder de jodium gesmeerd. We kijgen een papier mee waarmee Henro de komende weken nog twee maal een vervolg vaccin moet halen. Blijkbaar is in Marokko de gezondheidszorg gratis want we hoeven niets te betalen. 's Nachts begint het stevig te regenen en te waaien. De volgende ochtend wordt het verband vervangen in de farmacie en de wond geinspecteerd. De lege rivier bedding nu een brede bruine stroom geworden. De weg uit de vallei is afgesloten. Het blijft regenen en het is koud (9 graden). We gaan dus niet naar boven naar de agadir. Ingrid heeft een kou te pakken. We besluiten om vandaag te blijven staan en even uit te rusten. Het blijft regenen. In Amtoudi lopen de modder- stromen door de stegen naar beneden. De volgende dag regent en waait het nog steeds, maar de rivier is al weer een stuk gezakt. We besluiten terug te rijden. Stukken land staan onder water en de wegen zijn modderig. We rijden eerst naar Bou Isakarn om boodschappen te doen. De camping aldaar is gesloten. We rijden door naar Abaynou en staan daar op de camping voor het mannen-thermaalbad. Het weer is hier beter. De zon schijnt en we staan beschut tegen de wind en stof. |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
|
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
De volgende dag is de lucht weer blauw. Het is fris (17 graden) en het waait. 's Middag maken we een wandeling en doen inkopen bij het lokale 'petite magazin'. Dinsdag rijden we weer naar Plage Blanche waar ook onze vrienden staan. We maken een wandeling en eten gezamelijk kaasfondue. De nacht is niet koud (16 graden). Na een waterig zonnetje wordt het nog mooi weer. We maken een wandeling over de duinen en doen bordspellen met onze vrienden. Het weer valt een beetje tegen op woensdag. Het is een voorbode van de storm die 's nachts opsteekt. Door het rukken van de wind aan de camper komt van slapen niet veel. We rijden weg in een zandstorm. Na boodschappen en lunch in Guelmim zetten we onze camper neer op een vrije plek naast de bron van de oase Ait Bekkou. In een verdieping in de bodem welt water op en voedt de oase. De directe omgeving is weelderig begroeit met palmen en struiken. Rondom zijn op 5 km kale bergen zichtbaar. Het is warm langs het water. Wat een mooie plek. Op vrijdag rijden naar het ziekenhuis van Guelmim voor de tweede rabbies injectie van Henro. Na wat heen en weer gebel neemt een medewerker ons in de taxi mee naar het gemeentelijk bureau voor hygiëne. Hier krijgen we het vaccin dat in de koelkast ligt mee. Weer terug met de taxi naar het ziekenhuis, waar de injectie wordt gezet. Als we de taxi aan de medewerker terug willen betalen mag dat niet. We zijn een gast in zijn land en voor gasten moet goed gezorgd worden. We zijn er stil van. We rijden terug naar de oase. Vanwege de wind staan we nu op een parkeerplaats bij een nieuw hotel, tussen de huizen waar de vrouwen de oventjes stoken voor het brood. Het is warm weer maar dat komt ook door de beschutting. We mogen in het hotel van de faciliteiten gebruik maken (tegen betaling) en drinken lekker verse sinaasappelsap in een nomadentent. We doen boodschappen in de souk en eten 's avonds op een terras in de hoofdstraat: groot glas jus d'orange, kip/groente tajine met frietjes en brood voor 4,50 euro. We lopen dus zo direct naar de weekmarkt die er elke woensdag is. Een uitgebreide markt waar echt ALLES te krijgen is. De mensen zijn niet opdringerig naar toeristen toe wat wel prettig is. We gaan lekker in het zonnetje op een terras lunchen en kijken wat er allemaal voorbij komt. In de middag komen onze vrienden aan. En gaan we gezamelijk in de stad pizza eten. Er steekt een grote zandstorm op. Het zand knartst tussen je tanden en komt door alle gaten en spleten de camper in. Gelukkig schijnt de volgende dag de zon en kunnen we lekker gaan vegen en poetsen. We wassen en verschonen de lakens. 's Middags maken we een wandeling door de palmenoase van Zagora. Kleine veldjes met groente, gras, lemen muren, kanaaltjes en hier en daar een tuffende diesel waterpomp. ![]() filmpje van een slechte weg tussen Tazenakht en Tasla ![]() filmpje van een goede weg tussen Tata en Tissinnt |
Marokko 2014
|